Scania Meppel groeit opnieuw

Opnieuw uitbreiding voor Scania in Meppel. De vrachtwagenfabrikant heeft intrek genomen in leegstaande hallen aan de Industrieweg, die inwoners van Meppel kunnen kennen als de voormalige Wabco-fabriek. De productie van vrachtwagens heeft dit jaar meerdere keren gehaperd en de extra hallen moeten helpen dat in de toekomst te voorkomen.

In Meppel zit de spuitlocatie van Scania. Onderdelen krijgen er hun kleur en worden daarna verpakt en vervoerd naar Zwolle, waar de grote zusterfabriek staat. Daar worden van de vers geverfde onderdelen vrachtwagens gemaakt.

De onderdelen worden nu eerst opgeslagen aan de Industrieweg in Meppel, in de oude hallen van de Wabco-fabriek. In het verleden werden de materialen direct na voltooiing naar Zwolle gebracht. In een magazijn vlak bij de fabriek lagen de onderdelen te wachten. Maar dat kan niet meer.

‘Lekker groot’
Door de coronacrisis en de oorlog in Oekraïne zijn wereldwijd veel processen verstoord. Ook Scania loopt daardoor regelmatig tegen een tekort aan onderdelen aan. De productie lag meerdere keren noodgedwongen stil. In Zwolle zijn alle magazijnen nu nodig om meer voorraad aan te houden, hopende dat een nieuwe productiestop tegengegaan wordt.

Daardoor moest de ‘verffabriek’ in Meppel op zoek naar een eigen locatie voor de opslag. “En de Wabco-locatie is perfect”, vertelt Scania Meppel-directeur Erik de Gilde. “Het ligt vlak bij onze fabriek en naast onze andere opslaglocatie aan de Kaapweg. We kunnen nu dus veel vervoer combineren en efficiënter werken. En de locatie is lekker groot.”

Verf hecht beter
De samenwerking tussen de fabrieken de loopt loopt inmiddels als een trein. Of, als een vrachtwagen. “Het draait echt heel goed nu”, zegt De Gilde. Vorig jaar opende hij Scania’s grote uitbreidingslocatie in Meppel. Tot voorheen deed Scania de grondverf – de primer – niet zelf. Dat is met de nieuwe locatie veranderd. Iets wat volgens de directeur een enorme kwaliteitsslag heeft betekend.

“We zijn heel blij met het resultaat”, aldus De Gilde. “Tussen het aanbrengen van de grondverf en de toplak zit nu echt weinig tijd, maximaal vier uur. Daardoor hecht de verf veel beter. Dit was vroeger wel anders, toen zaten er soms maanden tussen en dan hecht de lak toch niet optimaal. De kwaliteit is echt stukken omhooggegaan.”
Ook scheelt het een hoop transport. “De fabrieken die onderdelen voor ons maken, regelden ook de grondverf”, legt De Gilde uit. “Maar zij besteedden dit ook weer uit aan andere bedrijven. Dus zo’n onderdeel ging van het ene naar het andere bedrijf. Niet efficiënt, al die extra handelingen.”

Arbeidsethos van Meppelers
Met de grondverf, toplak en opslag heeft De Gilde nu al zijn onderdelen samen in Meppel. Dat stemt tot tevredenheid, weggaan uit Meppel lijkt het laatste wat Scania wil. “We zijn heel tevreden met onze plek hier.
Toch merkt ook Scania de krapte op de arbeidsmarkt. De komende jaren wordt daarom ingezet op verdere robotisering. De directeur noemt het ‘co-bots’, robots die enkel werken met menselijke besturing. Die moeten de minder fijne handelingen doen. “Dingen die ergonomisch minder voor het lichaam zijn”, legt De Gilde uit. “Zo proberen we één van de aantrekkelijkste werknemers van de regio te blijven, en zo makkelijker mensen te werven.”

Tekst: RTV Meppel. Foto’s: RTV Drenthe