Riender Hoolsema (95) uit Meppel weet van geen stoppen met werken

Hij is een van de oudste ondernemers van Nederland: Riender Hoolsema uit Meppel viert vandaag zijn 95ste verjaardag. Aan stoppen met werken denkt hij niet.

“Pensioen? Ik weet niet wat dat is.”
Als hij al niet met een glimlach achter de toonbank staat, komt hij wel vrolijk aanlopen als het belletje van de deur verraadt dat er iemand binnenkomt. Al zestig jaar heeft Riender Hoolsema een stomerij aan de Woldstraat in Meppel en nog altijd beleeft hij er zichtbaar plezier aan.

Fulltime
Het praatje maken vindt hij het mooiste aan zijn werk. En de voldoening die het geeft als hij een klant blij maakt. Om 06.00 uur ‘s ochtends gaat de wekker, kort daarop start hij alle machines op. Daarna is het klanten ontvangen, was sorteren, pluisjes verwijderen, stomen en strijken. “Tot een uur of vijf werk ik door. Zes dagen in de week”, zegt Hoolsema.

Hij weet niet beter. Via zijn schoonvader begon hij in 1960 voor stomerij Palthe te werken. In 1977 verliet hij het bedrijf en zette hij de stomerij op dezelfde plek onder eigen naam voort.

In de loop der jaren heeft Hoolsema heel wat goodwill opgebouwd. Winkeliers, restauranthouders en particulieren gooien dagelijks bevlekte, gekreukte was om de deur. Soms bijna letterlijk. “Je hebt het werk zelf in handen. Dan wil je het ook volmaakt afleveren. Er zijn mensen die zeggen: ik breng het naar Hoolsema, dan weet je dat het goedkomt”, zegt hij trots. “Zo was er een vrouw wiens shirt helemaal onder de inkt zat. Toen ze het op kwam halen was het helemaal schoon. ‘Hoe is het mogelijk?’ zei ze verbaasd.” Van dat soort momenten geniet de 95-jarige.

Veel werk
Hoewel wassen thuis voor bijna iedereen tegenwoordig eenvoudig is met de wasmachine, blijft er vraag naar vakmanschap. Sommige kleding kan simpelweg niet in de wasmachine. “En niet iedereen weet hoe om te gaan met vlekken. Mensen hebben de tijd niet en het geld er wel voor over om het te laten doen.”
Werk zat dus, maar wel in het eigen ritme. “Ik heb er geen druk achter, niemand die mij opjaagt. Als het te veel is, breng ik het weg naar de fabriek. Ik kan geen vijftig broeken op een dag doen, dan doe ik er zelf tien en besteed ik de andere veertig uit.”

‘Meneer Hoolsema’
Als het even rustig is, staat Hoolsema ook maar wat graag in de zaak. Nieuwsgierig als hij is, wil hij weten wat er allemaal voorbij komt in de Woldstraat. Het blijft niet bij uit het raam staren, want hij vindt het ook leuk om zijn zaak uit te gaan om een praatje te maken met collega-ondernemers in de straat.
‘Meneer Hoolsema’ of ‘Hoolsema van de Stomerij’ zoals hij in de straat wordt genoemd, maakt vandaag van zijn verjaardag dankbaar gebruik om een rondje door de straat te maken. “Ze krijgen allemaal gebak”, zegt zijn dochter Erna. “Dat moest bij verschillende bakkers gekocht worden, want zo werkt hij. Ondernemers moeten van elkaar profiteren.”

Toen Hoolsema jaren geleden met een longontsteking thuis kwam te zitten, stond de straat ook voor hem klaar. Het viel de ondernemers op dat hij opeens helemaal niet meer op straat was. Hoewel twee van de zes kinderen, Albert en Erna, nog gewoon in Meppel wonen, gingen de winkeliers per toerbeurt bij Hoolsema langs om te controleren of alles goed was. “Dat was heel mooi om te zien”, zegt zijn dochter.

Doorzetten
In 1998 overleed zijn vrouw Greetje, met wie hij de zaak runde. Plannen om samen te gaan genieten van hun vrije tijd na hun pensionering verdwenen in de prullenbak. Hoolsema: “We zouden samen een wereldreis gaan maken. In augustus werd ze ziek, in november lag ze onder de grond.”
En dus besloot Hoolsema niet met pensioen te gaan. “Wat moet je in je eentje? Ik kan naar de kinderen gaan, maar die zijn je na drie weken ook zat en zeggen dat je maar weer moet oprotten”, zegt hij lachend. De oudste ondernemer van Nederland is de Meppeler niet, volgens de Kamer van Koophandel zijn er nog een paar oudere te vinden, onder wie een 100-jarige.

Ik doe gewoon door, ik weet ook niet hoe ik het volhoud”
Het werk houdt Hoolsema op deze leeftijd nog scherp, want hij moet ‘de kop er wel bij kunnen houden’. “Het mooiste is met verschillende mensen spreken. Je hebt altijd contact met je klanten”, legt Hoolsema zijn passie voor de zaak uit. “Als je vijf of tien klanten op een dag hebt en je praat vijf minuten ben je al weer een uur van je dag kwijt.”

Vol verhalen
Vijf minuten is overigens niet genoeg voor een bezoekje. Hij is een onuitputtelijke bron van verhalen. Hoolsema rakelt zijn oudste herinneringen op, van toen hij nog een peuter was. Hij vertelt over zijn reizen naar zijn broers in Canada en naar zijn kinderen die wonen in Singapore, Nieuw-Zeeland en Zuid-Afrika. Zijn werk als chauffeur bij de DABO, de militaire dienst eind jaren veertig in Indonesië komen aan bod, maar ook over actuele zaken als corona heeft hij zijn zegje klaar.

Aan de rekken hangen de verhalen van anderen. “Kijk, deze is van denk ik wel meer dan twintig jaar geleden, van een zigeunervrouw”, zegt de ondernemer. Op het kaartje staat in guldens de prijs weergegeven. “Gebracht en nooit opgehaald. En dit pak is van een jongen verderop in de straat. Hij is verhuisd, maar ik weet niet waar naartoe en de gemeente mag dat ook niet vertellen.” Maar de boel blijft hangen. “Als ze terugkomen met het bonnetje dan hebben ze er recht op dat ze het terugkrijgen. Al is het twintig jaar later.”

Wie nog wat heeft hangen bij Hoolsema kan voorlopig blijven komen, want het woord stoppen kent hij niet. “Pensioen, ik weet niet wat het is. Er zijn erbij die er heel anders aan toe zijn als ze 95 zijn”, weet ook Hoolsema. “Ik doe gewoon door, ik weet ook niet hoe ik het volhoud.” Een combinatie van geluk en plezier lijkt het belangrijkste. “Je gezondheid moet je niet in de steek laten.”

Bron RTV Drenthe