Landelijke Dag tegen Pesten

De Landelijke Dag tegen Pesten is een moment voor alle scholen om nog eens stil te staan bij het schoolpleinterreur. In Hoogeveen en Meppel werd maandag onder andere theater ingezet om leerlingen bewust te maken van het onderwerp.

Op RSG Wolfsbos in Hoogeveen organiseerde anti-pestcoördinator Marian van Gogh een voorstelling over pesten. De voorstelling moet het pesten onder de aandacht brengen bij de kinderen. “De zender en de ontvanger, zoals wij de pester en gepeste noemen, zijn vaak allebei hele lieve kinderen”, vertelt Van Gogh. “Soms hebben ze geen idee van hun gedrag.”

De voorstelling werd gevolgd door een quiz over pesten. “Ik ben heel trots op mijn leerlingen. Ze hebben het erg goed opgepakt”, zegt Van Gogh. “Maar dit staat natuurlijk niet op zichzelf. We beginnen al met voorlichting over pesten vanaf lesdag één.”

Dat werpt in Hoogeveen zijn vruchten af, maar van een wereld zonder pesten is volgens Van Gogh nog geen sprake. “Het is blijkbaar niet uit de roeien. Het is van alle tijden en zal ook altijd zo blijven.”

“Het is belangrijk voor op ons school dat de docent het signaleert en doorgeeft een de coördinator”, legt ze uit. “Dan gaan we het gesprek aan met de zender en de ontvanger. Als we echt gedoe hebben worden de ouders ook ingeschakeld. Je moet je altijd afvragen waar het plagen ophoudt en het pesten begint.”

Gelukskoffer
Ook in Meppel wordt er hard gewerkt aan een veilige omgeving voor de kinderen. “Ik vind het heel goed dat deze dag tegen het pesten bestaat”, zegt directeur Marieke Bonen van basisschool De IJsvogel. “Het moet onder de aandacht blijven. Er blijft altijd een hoop sluimeren.”

“Pas als een kind zich veilig en goed voelt kan het gaan leren”, vervolgt Bonen. Ze werkt daarom hard aan de mentale weerbaarheid van kinderen. “Hoe gelukkig een kind is ligt voor een deel al vast in de genen. Het ene kind is van nature een rasoptimist, de ander niet. Maar er is een deel dat je kunt beïnvloeden.”

Zo wordt leerlingen les gegeven over dankbaarheid, zegeningen tellen en met welke bril je naar de wereld kijkt. “Je moet jezelf goed voelen en van jezelf houden, voordat je van een ander kunt houden”, zegt Bonen. “Als je jezelf gelukkig voelt straal je dat ook uit en kun je anderen ook helpen. Pas dan kun je ook gaan leren.”

Bonen heeft niet het idee dat pestgedrag zich in coronatijd naar de digitale omgeving verplaatst. “Die signalen hebben we niet. Kinderen kunnen wel veel chatten rondom de les en daar houden we actief zicht op. Daarnaast geven we social media-training in de klas.”

Onder andere TikTok is punt van aandacht. “Die app richt zich echt op jongere kinderen. Dat is ook hartstikke leuk, maar een beetje uitleg kan geen kwaad. Naar wie kun je beter geen foto’s versturen en welk nieuws is onbetrouwbaar? Daar ligt een taak van ouders, maar ook voor ons als school.”

Kleinere klassen
Helene Ottevanger is teamleider en anti-pestcoördinator op CSG Dingstede in Meppel. Zij ziet dat de situatie erg veranderd is door corona. “Kinderen zijn meer thuis. Dat is hun veilige omgeving. Dat helpt tegen pesten”, vertelt ze. “Daarnaast zijn de klassen momenteel veel kleiner. Je hebt meer zicht op ze, en hoe het met ze is. In grote lijnen is het pesten echt minder geworden.”

Volgens Ottevanger zijn die kleine klasjes na coronatijd niet meer aan de orde. “Maar het is belangrijk dat we goede dingen uit deze periode handhaven in de toekomst. Er komt extra geld vrij voor het onderwijs. Dat willen we graag investeren in de pest-aanpak. We zetten extra in op de ondersteuning en individuele begeleiding door coaches. Zij kijken met de leerlingen mee en geven tips. Die benadering helpt enorm.”

Ook Dingstede werkt met theatervoorstellingen. “De sfeer moet zijn dat kinderen zelf aan bel trekken”, vervolgt Ottenvanger. “Vorig jaar hebben we een hele avond gehouden over sexting (het verspreiden of delen van seksueel getinte berichten, red.) om dat onder de aandacht te brengen. Op die manier kun je dingen bespreekbaar maken en maak je kinderen weerbaar.”

Foto Shutterstock